Stichting Papiergeschiedenis Renkum-Heelsum

Logo Stichting Papiergeschiedenis Renkum-Heelsum

Principes

 


    Grondstoffen
    Stofvoorbereiding
    Zeefpartij
    Perspartij
    Droogpartij
    Oproller
    Kalander
    Snijmachine  
 

De meest eenvoudige vorm van drogen

 

De meest eenvoudige vorm van drogen

 


 

 

 

 

 

 

 

 


 

 Model van droogcilinder

Model van droogcilinder

 


 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 


 

Infrarood licht wordt op het papier gestraald om het te drogen

 

Infrarood licht wordt op het papier gestraald om het te drogen

 


Drogen van het papier

Het papier dat is gemaakt en is uitgeperst moet nog verder drogen voordat het kan worden gebruikt. Door te persen kan er niet meer water uit het papier worden gedrukt. Alleen drogen aan de lucht is de laatste manier die overblijft om het water te verwijderen.

Handmatig drogen

In de beginjaren van het papier maken, werd het papier te drogen gehangen aan lijnen, op stokken of op borden te drogen gezet. Het water verdampte en het papier droogde. De droogte van het papier was dus afhankelijk van de omstandigheden. Deze wijze van drogen vindt nu ook nog plaats bij volledig handgemaakte papiersoorten.

Het papier hangt op stokken om te drogen

 

Het papier hangt op stokken om te drogen

Het papier zit op borden om te drogen

 

Het papier zit op borden om te drogen

Droogcilinder

Een droogcilinder bestaat uit een gietijzeren cilinder met een diameter van 1 tot 2 meter. Via dubbelwandige constructies  bij de as wordt er stoom in de cilinder gebracht. Het papier loopt over het cilinderoppervlak en wordt met droogzeven op het oppervlak gedrukt. Het papier neemt warmte op uit de cilinderwand en het water in het papier verdampt. Hierdoor condenseert de stoom in de cilinder en staat een grote hoeveelheid condensatiewarmte (= verdampingswarmte van water) af aan de cilinderwand die wordt gebruikt om het papier te drogen.

Het condensaat moet uit de droogcilinder worden verwijderd. Dit gebeurt met zogenaamde sifons. Bij langzaam lopende machines werden vroeger meedraaiende sifons gebruikt, die het condensaat opschepten en centraal uit de droogcilinder afvoerden. Het condensaat vormt immers een stilstaande laag condensaat onderin de droogcilinder.

Bij snellopende machines worden stilstaande sifons gebruikt die het condensaat afvoeren. Het condensaat bij een snel lopende machine vormt een gelijkmatige schil in de cilinder als gevolg van de middelpuntvliedende krachten. Door de snelheid van de condensaatlaag en een drukverschil tussen de stoomzijde en de condensaatzijde wordt het condensaat in de sifon gedrukt en afgevoerd.

Droogpartij

Naarmate de machines sneller lopen, neemt de gevraagde droogcapaciteit toe. Door meerdere cilinders achter elkaar te plaatsen, wordt het warmtewisselend oppervlak vergroot en kan er meer water worden verdampt.

In grote machines wordt de droogpartij opgedeeld in drooggroepen. Dit zijn groepen van cilinders met een eigen aandrijving en droogzeef. Door de opdeling kan de rek en de krimp in het papier tijdens het drogen, worden opgevangen door snelheidsverschillen tussen de verschillende drooggroepen te regelen.

Om het droogproces zo energiezuinig mogelijk en zo goed mogelijk te laten verlopen zijn er ook meerdere stoomgroepen. In een stoomgroep worden groepen cilinders apart voorzien van stoom om de temperatuur te regelen en zo het droogproces van het papier.

De droogpartijen staan opgesteld in zogenaamde droogkappen; een ombouw van de droogcilinders. Door de droogkap is de aanvoer van droge warme lucht en de afvoer van natte warme lucht beter en economischer te regelen. Bovendien is het werkklimaat in de hal waarin de papiermachine staat opgesteld beter. De temperatuur in een droogkap loopt op tot ca. 120 °C. Bovendien kan met een droogkap een gedeelte van de warmte worden teruggewonnen door het verdampte water uit het papier weer te laten condenseren en te gebruiken voor het proces.

Droogpartij met drie drooggroepen

 

Droogpartij met drie drooggroepen. De 1e-groep is een slalom met één droogzeef, de tweede en derde droogroep hebben een onder- en een bovendroogzeef. Het papier loopt van links naar rechts door de machine.

  Yankee

In de papierindustrie worden nog steeds enkele droogcilinders gebruikt als 'droogpartij'. Dit gebeurt in zogenaamde Yankeemachines. Deze heeft een droogcilinder met een zeer grote diameter. Een Yankeemachine wordt gebruikt voor de productie van dun en sneldrogend papier. Denk hierbij aan bijvoorbeeld tissuepapier.

Het natte papier wordt met aanperswalsen op de cilinder gedrukt voor een optimale warmteoverdracht; er wordt geen droogzeef gebruikt. Het papier droogt op de met stoom verhitte cilinder. Tegelijkertijd wordt aan de buitenzijde van de droogcilinder hete lucht tegen het papier geblazen om het droogproces te versnellen.

 

Droogcilinder van een Yankeemachine

 

Droogcilinder van een Yankeemachine

Infrarood drogen

In plaats van stoom wordt er ook gebruik gemaakt van bijvoorbeeld infrarood licht om papier te drogen. Een infraroodbron straalt op het papier wat hierdoor opwarmt. Het water in het papier verdampt en wordt afgevoerd.

Het papier wordt met de warmte van Infrarood gedroogd

 

Het papier wordt met de warmte van Infrarood gedroogd

 


Hosted by: Webstream

Stichting Papiergeschiedenis Renkum Heelsum, p/a Norske Skog Parenco BV, Veerweg 1, 6871 AV Renkum